10-11 | Nieuw | MHI

Minitrix 16126 - DB, Diesellocomotief BR 212 (N|DCC sound)

Vorige Artikel 52 / 158 Volgende
€ 299,00 (incl. btw)
Voorraad 1 stuk

Voorbeeld: Diesellocomotief 212 372-7 van de Deutsche Bundesbahn (DB). Wagen in oceaanblauw/ivoor zoals in tijdperk IV circa 1987. Inzet: Personen- en goederentreinen. 

Model: Ingebouwde digitale decoder en geluidsgenerator voor gebruik met mfx en DCC. Motor met vliegwiel, 4 aangedreven assen, antislipbanden. Met de rijrichting wisselend driepuntsfrontsein en 2 rode sluitseinen, uitschakelbaar. Gemonteerde handgrepen. Lengte over de buffers 75 mm.

Eenmalige serie.

De diesellocomotieven van de serie V 100 werden in de jaren '50 eerst ter vervanging van de stoomlocomotiefseries 64 en 86 ontwikkeld en waren voor de lichte dienst op hoofdlijnen en gemengde dienst op zijlijnen voorzien. De V 80 diende als voorbeeld, maar de nieuwe locomotief moest duidelijk kosteneffectiever zijn. In samenwerking met BZA München werd MaK in Kiel met de ontwikkeling belast. In de late herfst van 1958 leverde MaK vijf voorspanlocomotieven V 100 001-005 (later V 100 1001-1005, vanaf 1968: 211 001-005) met 1.100 pk-motoren en de V 100 006 (later V 100 2001, vanaf 1968: 212 001), die van een 1.350 pk-motor was voorzien. In 1961/62 volgde de bestelling van 20 voorspanlocomotieven van serie V 100.20 met de sterkere 1.350 pk-motor als "lichte hoofdlijnlocomotief". Tussen 1963 en 1966 leverde de Duitse industrie twee series met in totaal 360 exemplaren van deze sterkere variant. Voor het gebruik op de steile lijn Rastatt–Freudenstadt werden in 1965 uit de laatste serie tien machines (V 100 2332-2341) met hydrodynamische remmen uitgerust. ­Typisch voor de V 100 was de hoekige, kantige vorm, die duidelijk op de V 60 was gebaseerd. Het motorvermogen werd via een elastische koppeling en aandrijfas op de hydraulische Voith-versnellingsbak overgebracht, die middels een faseaandrijving het rijden in lijnversnelling (maximumsnelheid 100 km/u) of in rangeerfunctie (maximumsnelheid 65 km/u) mogelijk maakte. De nieuw geconstrueerde draaistellen waren uitgevoerd als gelaste buisconstructies, waarop de wielasgeleiding via silentblokken waren bevestigd. De machine met het langere bordes aan de voorzijde was van buiten af via een kapvormige schuifdeur goed toegankelijk. Deze universeel inzetbare machines trokken lichte en middelzware personentreinen, sneltreinen en goederentreinen op hoofd- en zijlijnen. In 1968 kregen de V 100.20 de op de computer afgestemde seriecodering 212, de locomotieven voor steile lijnen reden als serie 213. Vanaf het midden van de jaren '90 werden deze machines duidelijk minder vaak ingezet. In december 2004 werden de laatste locomotieven bij de afdeling goederenverkeer van de DB AG (railion) uiteindelijk uit dienst genomen. Uit dienst genomen locs kwamen grotendeels niet bij het schroot terecht, maar konden meestal via locomotiefhandelaars worden verkocht. Veel machines worden momenteel bij spoorbouwbedrijven in Frankrijk en Italië gebruikt. Maar ook de Duitse particuliere spoorwegen en buitenlandse spoorwegen waren en zijn nog altijd dankbare afnemers van de V 100.20 (212). Zelfs de DB heeft deze beproefde machine nog niet helemaal laten vallen. Twaalf van een nieuwe motor voorziene exemplaren rijden momenteel bij de DB Fahrzeugdienste GmbH en zes 212/213 bevinden zich bij de DB Bahnbau-Gruppe GmbH. Vijftien stuks zijn omgebouwd als serie 714 van de DB Netz Notfalltechnik beschikbaar en dienen als treinlocomotief voor reddingstreinen, die in de eerste plaats zijn bedoeld om in geval van nood op nieuwbouwtrajecten te worden ingezet.

Specificatie Omschrijving
Fabrikant Minitrix
Artikelgroep Locomotief
Schaal N (1:160)
Stroomsysteem DC (=)
Systeem Digitaal sound
Spoorwegmaatschappij DB
Tijdperk 4
Lengte over buffers 75 mm
Minimale boogstraal 192 mm
Digitale interface -
Decoder Ingebouwd, DCC/MFX met sound
Koppeling NEM 355 schacht
Lichtwissel LED, rood/wit, digitaal schakelbaar
Leeftijd aanbeveling vanaf 14 jaar
© 2017 - 2022 Harlaar Modeltreinen | sitemap | rss